Als ik zeg ‘hersenspoeling’ waar denkt u dan aan? Tien tegen één dat u denkt aan de koude oorlog uit de jaren vijftig, zestig, toen Amerika lijnrecht tegenover Rusland en Rusland lijnrecht tegenover Amerika stond: het imperialistische westen contra het communistische oosten. Voor mij geldt die gedachte in ieder geval, want in die tijd zat ik op de middelbare school, maakte ik mijn puberteit door en groeide ik langzaam maar zeker naar mijn volwassenheid. Jaren heeft het geduurd voordat ik me kon bevrijden van die vreemde gedachten over amerikanen en russen, zo sterk hadden mijn ouders, mijn ooms en tantes, onderwijzers, docenten, maar ook de radio en de kranten al die vormen van vijandschap systematisch in mijn brein gedruppeld, dat ik spontaan de russen zag als ‘het rode gevaar’ en de amerikanen als onze bevrijders. Pas veel later ontdekte ik dat er heel wat te nuanceren valt aan die links-rechts-gedachten. Ik was gehersenspoeld en het kostte behoorlijk wat kruim om me te ontdoen van die platte zwart-wit-ideeën uit mijn jeugd, mijn pubertijd en mijn adolescentie.
Daar moest ik aan denken, toen ik een dezer dagen bewust keek naar de wijze waarop de huidige mode grip heeft op zelfs de allerjongsten die de basisschool bevolken. De methoden weliswaar sterk veranderd, want er wordt niet meer open en bloot verteld wat en hoe, daarvoor in de plaats zijn er talloze verborgen verleiders die de jeugd (en niet alleen de jeugd!) suggereren waar zij belang aan moeten hechten, hoe zij zich moeten kleden, wat zij lekker moeten vinden en wie zij allemaal als voorbeeld moeten zien.
Meer dan ooit leven wij in een visuele wereld, wordt de wereld om ons heen getoond in beelden, in foto’s, tv- en videobeelden en zonder het te beseffen filteren jongeren uit dat overweldigende aanbod een wereldbeeld waarvan zij denken, nee, zéker weten, dat het hún ideeën zijn, hún visie is. En ga ze nou niet vertellen, dat zij slaaf zijn van andermans optiek, zoals hun opa ten tijde van de koude oorlog tegen Amerika en Rusland aankeek. Vertel ze niet dat zij door dat informatiebombardement net zo gehersenspoeld worden als dat indertijd gebeurde in Rusland, in Amerika, in China. De nadruk ligt niet meer op de politieke verhoudingen, vrede is hier in het westen een vanzelfsprekendheid geworden, bij luxe en weelde worden nauwelijks nog vraagtekens geplaatst, men heeft andere sores. Welk merk petje past bij mijn status, met welk model mobiele telefoon hoor ik bij mijn groep, met welke ringtone kan ik me onderscheiden? Al in groep 1 of 2 weten de kinderen haarfijn uit te leggen welke schoenen ín zijn en welke uit.
Veel ouderen zuchten bij het horen van zoveel wat zij noemen ‘onzinnige verlangens’ van in hun ogen verwende kinderen, maar vergeten gemakshalve dat ook hun hersens in hun jeugd bewerkt zijn met ideeën waar ze later afstand van genomen hebben. Was het de Griekse filosoof Plato niet die zich ruim 2300 jaar geleden beklaagde over de verderfelijke mentaliteit van de ‘hedendaagse’ jeugd?
Als de geschiedenis zich herhaalt, zoals het gezegde leert, dan is er dus nog hoop.





