Tjeu Jansen (26) uit Gilze, staat vier dagen per week voor de klas op het Dongemond college in Made. Op vrijdag en zaterdag is hij thuis aan het werk met het kweken van verschillende rassen fruitbomen.
Door Johan Verlouw
Samen met zijn jongere broers Niels en Luc woont hij bij zijn ouders, die een melkveebedrijf runnen. Ondanks zijn liefde voor de koeien heeft Tjeu toch echt groene vingers en dat trekt hem meer. De combinatie van ondernemen en werken met opgroeiende jeugd bevalt hem uitstekend.
IJverige duizendpoot
De drukste tijd is inmiddels voorbij, maar in de winter en het voorjaar is het hollen en stilstaan voor de jonge Gilzenaar. Planten, snoeien, enten, rooien, kuilen, verkopen en transporteren. In principe doet Tjeu alles zelf om zijn fruitbomen aan de man te brengen. De zaterdag staat in het teken van de verkoop van zijn bomen aan particulieren. Het zijn dan drukke tijden, maar hij heeft er zichtbaar lol in. “Ik kweek vooral de wat minder bekende rassen, daar is gelukkig nog een grote doelgroep voor. De appels en peren die in de supermarkt liggen, zijn minder interessant.” Als jong ventje begon Tjeu op zaterdag als bijbaantje bij een bomenkweker te werken.
Toen ‘zijn baas’ een paar jaar geleden ging verhuizen, kreeg de biologie docent de kans om het werk over te nemen. Daar hoefde hij niet lang over te twijfelen.
Docentschap blijft trekken
Na de havo koos Tjeu voor de hoge agrarische school in Den Bosch. Hij liep toen al wel eens met de gedachte om docent te worden. “Maar echt serieus was dat toen nog niet echt, ik vond mezelf echt nog te jong.” Toch werd het Tjeu tijdens zijn studie duidelijk dat de koeien hem minder trokken dan hij van tevoren dacht.
“Gelukkig kon ik met de studie nog alle kanten op, dat was het probleem niet. In die tijd had ik thuis ook al een stukje grond waar ik groenten verbouwde. Het werken in het groen heeft me misschien altijd iets meer getrokken.”
Na zijn studie in Den Bosch volgde Tjeu de kopopleiding in Wageningen om in één jaar zijn lesbevoegdheid in ‘groene vakken’ te voltooien.
Combinatie lijkt gouden zet
Ondanks zijn drukke bestaan klaagt de Brabander allerminst. “Het is natuurlijk best lekker als je tijdens de koude wintermaanden in de personeelskamer een warme kop kunt drinken, tijdens je werk; eerlijk is eerlijk. En ik besef me dat ik in een bevoorrechte positie zit. De vele vakantiedagen in het onderwijs zijn voor mij een welkome aanvulling in de drukke tijd van de fruitbomen, met name rond kerst en carnaval. Uiteraard zorg ik wel dat al mijn schooltaken in orde zijn.”
Als het aan Tjeu ligt, zal hij deze combinatie van werkzaamheden de komende jaren aanhouden. “Ik haal uit beide gewoon veel plezier en het geeft me voldoende mogelijkheden voor de toekomst. Zo geeft Tjeu ook workshops over het snoeien van fruitbomen in zijn eigen boomgaard en hij heeft nog veel meer ideeën. “Zelf telen en kweken is momenteel erg hot in ons land, daar kan ik nog veel kanten mee op.”
De drukke agenda van de agrariër laat geen ruimte toe voor een (langere) vakantie of weekend weg. “Ik geef daar ook niet zoveel om, een keer lekker eten met vrienden of naar een trekker-trek wedstrijd vind ik meer dan prima.”
Situatie geldt voor veel jonge agrarisch ondernemers
Voor veel jonge meiden en jongens speelt hetzelfde. Het ouderlijk bedrijf overnemen is vaak nog (te) complex, of te klein om dat met meerdere gezinsleden te doen. Een combinatie van ondernemen en werknemer zijn is dan wellicht een prima optie. Er wordt geld verdiend, ervaring opgedaan en keuzes hoeven nog niet op korte termijn te worden gemaakt.
