Een serieuze man, een stille kracht, hij straalde op de achtergrond
Op 1 mei in de ochtend, in aanwezigheid van Harrie, Barend en Anita, stierf Jan van de Louw, in het TweeStedenziekenhuis. Op de lintjes-receptie een paar dagen eerder was hij nog aanwezig. Hij was de laatste weken uit elkaar aan het vallen, zegt zoon Harrie, maar zijn dood kwam snel, hij heeft nauwelijks een ziekbed gehad. Daar kunnen zijn kinderen alleen maar vrede mee hebben.
Wie was deze vriendelijke, milde man met zijn mooie glimlach die ik alleen maar heb gekend in het kader van bijeenkomsten van de gildes Sint Mauritius en Sint Joris, dan altijd gekleed in het deftige zwart en met de hoge hoed in de buurt? Gekend vooral als de man van Riet van de Louw-van Boxtel (1933 – 2015) die veel meer op de voorgrond trad vanwege haar bijdragen aan kunst in de openbare ruimte. Ik heb zijn levensloop van Harrie van de Louw (portret 225 Rond de Schutsboom: een jongen uit Goirle op de juiste plaats in Den Haag).
Jan van de Louw werd op 24 juli 1936 geboren op Korvel. Zijn familie komt uit de Langstraat, de streek van leerlooiers (louwers) en schoenmakers. Op 3-jarige leeftijd kwam hij met zijn ouders in Haarlem terecht waar hij de oorlogsjaren beleefde. Zijn kinderogen zagen dingen die geen kinderogen zien mogen. Zo’n vijftien jaar geleden is Jan nog naar het provinciale archief in Haarlem gegaan om te vertellen wat hij allemaal gezien had. Harrie vermoedt dat Jans warme hart voor veel mensen aan de rand van de samenleving daar en toen ontstaan is.
Vlak na de oorlog kwam de familie weer naar Brabant. Jan leerde op de LTS het vak van elektricien (met altijd nascholing nadien), kwam te werken bij de gemeente Goirle. Als er ergens een stop sprong werd Jan erop afgestuurd. Toen de ombouw van geisers en andere gastoestellen moest komen, kwam Jan weer overal. Zo ook toen de Centrale Antenne aangesloten werd. Zijn huwelijk met Riet, een van de vele kinderen van Drik van Boxtel, hielp ook mee met zijn inburgering. Na zijn trouwen met Riet kwamen zij te wonen in de Fabriekstraat, naast de directeur van de gasfabriek, dat statige pand waar nu Suus Suiker woont en werkt. Hij werd collectant in de Sint Jan, en had uit hoofde van die functie een eigen bank: fabrikant en collectant ieder met een eigen bank.
Mijn indruk dat hij altijd aan het Oranjeplein gewoond heeft is onjuist. Zijn tocht door Goirle bracht hem in een krotwoning in de Botstraat (de straat bestaat niet meer, maar oude Goirlenaren weten precies waar hij lag), toen weer terug naar de Fabriekstraat terwijl zijn schoonouders daar in een aanleunwoning trokken, vervolgens naar De Hellen, de Muldersweg, het Oranjeplein waar zij inderdaad lang gewoond hebben en tenslotte niet ver daar vandaan in de Kalverstraat 13 jaar geleden. Toen gas- en elektriciteit geen gemeentelijke bedrijven meer waren kwam hij te werken bij de PNEM in Den Bosch, op zijn 58ste ging hij met vervroegd pensioen.
Kwam hij dus veel bij de mensen thuis vanwege zijn gemeentelijk werk, maatschappelijk werd hij actief in het gilde en de stichting carnaval Ballenfruttersgat. Voor de laatste organiseerde hij driedaagse wielerfestijns, hij zat in de Raad van Elf, werd ooit benoemd tot Opperballenfrutter (een benoeming waar hij even trots op was als op de koninklijke onderscheiding), hij organiseerde de tonproat, was zelfs eens Prins Carnaval. Dat vind ik een verrassend feit: zo’n verlegen, introverte man Prins Carnaval? Dat ontlokt Harrie de uitspraak: ja, en toch deed hij het, maar hij straalde vooral op de achtergrond, dat is waar. Het gewerengilde Mauritius vond hij mooi vanwege de rituelen, de tradities, de rijke geschiedenis; hij was wars van militarisme. De laatste jaren heeft Jan gewerkt aan het vastleggen van de geschiedenis en het archiveren van de stukken van Sint Mauritius, het gilde dat nog maar onlangs “slapend” ging. De dozen staan netjes klaar op zijn appartement aan de Kalverstraat. Hij was blij dat de overgebleven gildebroeders werden opgenomen in het gilde Sint Joris, met wie Mauritius overigens altijd samen optrok. Het is dan ook terecht dat hij met gilde-eer begraven zal worden, volgens oeroude tradities die hij koesterde. De uitvaart zal plaatsvinden in de Sint Jan op zaterdag 10 mei aanstaande om 11.00 uur. Daarna de begrafenis op de begraafplaats Sint Jan, bij zijn Riet.
En zo verliest Goirle weer een van zijn markante zonen, een stille kracht op de achtergrond, smeerolie van de maatschappij, een van die mensen die Goirle deed stralen. Het is een eer hem gekend te hebben, zijn leven en zijn persoon mag een voorbeeld zijn voor vele anderen die Goirle vandaag nodig heeft om te blijven glanzen en gloeien …
Ben Loonen
