“Kijk naar de ziel van Riel” is een initiatief van een groep Rielenaren die de ambitie heeft uitgesproken om Riel van het verleden tot heden in woord en beeld voor een breed publiek onder de aandacht te brengen. Hiertoe worden zowel het Goirles Belang als Facebook (Kijk naar de ziel van Riel) en de site www.zielvanriel.nl ingezet. Wekelijks wordt de rubriek “Groeten uit Riel” gepubliceerd. In deze rubriek worden 1 of 2 foto’s geplaatst met begeleidende tekst uit diverse tijdsvakken.

Foto 1

Adriaan Maas, alias Boerke Maas en zijn vrouw Antonia Comperen verhuizen in 1920 naar het huidige Zandeind 14 en het toenmalige B137. Zijn huis op Vijfhuizenbaan (vroeger Spaansehoek) nu 12 en 12a, wordt verkocht aan familie Jonckers. Huis nu nog bewoond door nazaten van familie Jonckers. Antonia overlijdt in 1924 en Boerke Maas overlijdt in 1932. Boerke Maas verhuist al eerder naar Moergestel. Vanaf 1924 is de eigenaar van nummer 14, Drik van Hoof en Leen Maas. Drik koopt nummer 14 van zijn schoonouders Maas-Comperen. Drik van Hoof, afkomstig uit Tilburg geboren in 1896, Leen is twee jaar jonger. Moeder van Leen, Antonia overlijdt op 2 december 1924, 100 jaar geleden ten aanzien van het schrijven van dit artikel. Adriaan Maas overlijdt in Moergestel in 1932. Vanaf 1926 is Hendrik van Hoof, afkomstig uit Tilburg, de volgende bewoner, tezamen met zijn vrouw Leen Maas. Zij zijn zoals het hoort in 1926 ook getrouwd op het gemeentehuis in Alphen. Vijf dochters Pieta, Cor, Lieske, Sjaan en Riet en twee jongens Leo en Bert zullen de nieuwe generatie vormen. Ook toen al was het Zandeind een fijne buurt. Kattenkwaad hoorde er ook bij. Eieren uit nesten halen en die bij Hendrik en Leen door de brievenbus gooien. Leen ging daar sportief mee om. Drik uitdagen was minder plezierig. Elkaar helpen was natuurlijk ook gebruikelijk. Als de pomp om water op te pompen bij de familie van Hoof het niet deed, kon je water bij de buren halen. De tegenprestatie was dan wel dat dochter Lieske van Hoof een liedje mocht zingen. In de Tweede Wereldoorlog wordt Zandeind 14 flink beschadigd. Het noopt de familie van Hoof-Maas tot het bouwen van een noodwoning. Deze wordt opgetrokken achter nummer 14 met onder andere stenen die over zijn gebleven van het beschadigde nummer 14.

Foto 2 Foto 242

Drik van Hoof is inmiddels sinds het einde van de oorlog de plaatselijke grafdelver of doodgraver. Hij was als zodanig in dienst van de parochie St.-Antonius en voor menig inwoner en bekende uit de streek heeft hij een laatste rustplaats verzorgd. Het aantal graven dat hij heeft gemaakt zal de tweehonderd ruim overschrijden, waarvan het graf van Albert de Jong het eerste was. Albert was indirect oorlogsslachtoffer en als zodanig ook herinnerd tijdens de herdenking Tweede Wereldoorlog. 80 jaar. Drik kon met veel smaak over de inwoners van zijn dorp vertellen en ook met een zekere levenswijsheid over zijn beroep. In zijn vrije tijd waren knutselen en tuinieren zijn hobby’s en vanzelfsprekend de activiteiten voor de rijvereniging en de fietsclub, waarvan hij lid was. Een enkele keer sprong hij met het bezorgen van de krant, dat inmiddels het werk van een van zijn dochters was. Drik hield in 1969 een receptie bij het 25jarig jubileum als grafdelver aan huis. Naast zijn 8 kinderen, waren zijn zeventien kleinkinderen en andere bekenden in het dorp ook vertegenwoordigd. Leen van Hoof-Maas overlijdt op 15 augustus 1947, een katholieke dag, Maria-TenHemelopneming en wordt met paard en wagen naar het kerkhof gebracht en aldaar tijdelijk in het toenmalige lijkenhuisje opgebaard. Vervoer gebeurde normaal met draagbaar, buiten het centrum met paard en wagen. Gebruikelijk was opbaren thuis, maar als dat vanwege de temperaturen bedenkelijke invloed had, werd gekozen als uitwijkmogelijkheid het lijkenhuisje op de begraafplaats. Waar vervolgens dan een lijkmis het vervolg was, kwam het ook voor dat er geen mis was. En dat de overledene meteen begraven werd. In 1947 dus werd besloten tot de bouw van de noodwoning achter nummer 14. We zien dat deze noodwoning ook even huisnummer 16 krijgt toegewezen. Als nummer 14 weer herbouwd en bewoonbaar is vanaf 1951, zal nummer 16 nog tot 1957 als noodwoning in gebruik blijven. In 1950 trouwt schoonzoon Petrus, roepnaam Bartje, Saman in op nummer 14, maar zal zich vervolgens vestigen vanaf juli 1952 tot december 1957 op nummer 16, de noodwoning.