Al sinds 2015 koppelt Stichting Buurtgezinnen gezinnen die het moeilijk hebben aan een stabiel steungezin in de buurt. Onder het motto ‘Opvoeden doen we samen’ kunnen steungezinnen er mede voor zorgen dat problemen bij de ‘vraaggezinnen’ niet verergeren. Geen zware pleegzorg, maar een laagdrempelig steuntje in de rug, voor een maatschappij waar we elkaar weer meer helpen met het grootbrengen van kinderen. Ook in Brabant is Buurtgezinnen behoorlijk actief. Elke Brzorowksi en haar zoon Ruben (9) uit Oisterwijk vertellen samen met de lokale Buurtgezinnen-coördinator Els van Swaaij over Fatima, die bij de Brzorowksi’s sinds een tijdje ‘kind aan huis’ is: én hoe leuk en dankbaar dat is.

door Rens van Ginneken

Een huiselijk tafereel in Oisterwijk bij de familie Brzorowski: een ruime eettafel met wat snoepjes onder handbereik, een piano, de huispoes die nieuwsgierig snuffelt aan de fototas van de journalist, uitzicht op de ‘tuin met trampoline’. “Ik heb Fatima net na de zomervakantie leren kennen, daarvoor kende ik haar nog niet, want toen zat ze nog niet bij mij op school. In het begin dacht ik: dit is echt een ander meisje dan de meisjes die ik ken. Wat vindt ze leuk? Dat moest ik dus een beetje uitvogelen. Gelukkig houdt ze van mijn grapjes en lacht ze vaak”, onthult Ruben. “Ik wist niet zeker of ze ook op de trampoline wilde, maar toen ik er even op stond kwam ze toch en hadden we samen lol. Met stoepkrijten ging het ook zo. Ik leer van haar ook weer dingetjes. Ik weet nu bijvoorbeeld dat het Arabische woord voor paprika ‘filfil’ is.”

High-five

“Ik had een oproepje van Buurtgezinnen gezien”, vertelt moeder Elke. De keuze om Fatima eens in de twee weken op woensdagmidag ‘op te vangen’ blijkt niet lichtvaardig genomen. “Er zijn toch kinderen bij betrokken die uit een bijzondere situatie komen. Wij zijn natuurlijk géén hulpverleners, maar in de praktijk blijkt het heel goed te werken met eenvoudige dingen, in een stabiele situatie. Ze speelt met Ruben, we zijn pas samen naar de aardbeienautomaat geweest, ze vraagt waar het konijn is, of mijn man Erik, met carnaval regel ik via mijn netwerk een pakje voor haar, ze laat me haar rapport zien en als ze tevreden is geven we elkaar een high-five. Voor Ruben heeft het ook een waardevolle kant: hij speelt doorgaans niet zo graag met jongens, want hij houdt niet van stoeien en vechten. Hij geniet van Fatima’s gezelschap en hij steekt er het nodige van op. Het is eigenlijk een soort broer-zus dynamiek tussen Fatima en Ruben.” Ruben knikt enthousiast: “Het is vooral heel gezellig met Fatima!”

Stapjes zetten in de samenleving

Els van Swaaij, coördinator bij Buurtgezinnen Oisterwijk, heeft een belangrijke taak in het bij elkaar brengen van vraag- en steungezinnen. “Koppelen noemen we dat, zo hebben we dat als grote mensen bedacht”, zo legt ze aan Ruben uit. “We zien het eigenlijk als een soort preventieve hulpverlening: voor gezinnen waar sprake is van overbelasting, kunnen mensen om je heen, waarop je kan terugvallen heel waardevol zijn. Onze samenleving wordt steeds individualistischer en een netwerk om je heen van buren, kennissen, of een grote familie voor ondersteuning, is lang niet meer zo vanzelfsprekend als vroeger.”

Als je geen tante achter de hand hebt

Ze vervolgt: ”Destijds was er altijd wel een tante op wie je kon rekenen. Fatima kwam uit Syrië bijvoorbeeld, haar vader was er niet meer, haar moeder had veel meegemaakt en had het zwaar in het AZC. Ze wonen daar echt in een hele kleine ruimte.” Ruben: “Ik zou zelf niet in een AZC kunnen wonen hoor…” Els: “Het is goed om zo’n ‘anoniem’ gezin zichtbaar te maken in de gemeenschap, zodat ze stapjes kunnen zetten in die samenleving. Als het gezin van Fatima straks een eigen woning krijgt toegewezen, kunnen Ruben en Elke ook eens daar op bezoek.”

Tot rust komen

De diversiteit bij vraag- en steungezinnen blijkt groot, vertelt Els. “Zo’n combinatie van twee culturen, zoals in dit gezin, komt niet zo heel vaak voor. Nu zoek ik bijvoorbeeld voor een tiener een plekje om wat tot rust te komen. Het gebeurt ook wel dat één kind in het gezin veel aandacht nodig heeft en dat we daarom juist voor een broertje of zusje een plek zoeken waar af en toe wat extra aandacht voor ze is. Vaak zien we dat bij de steungezinnen de kinderen al het huis uit zijn, waardoor er tijd en ruimte is voor dit initiatief. Echte Pleegzorg vinden ze dan bijvoorbeeld te intensief, maar op deze manier kunnen ze óók wat doen voor andere kinderen. Het gebeurt trouwens ook weleens dat we twee vraaggezinnen koppelen, zoals onlangs bij twee gezinnen waarvan de zoontjes het lastig vonden om vriendjes te vinden.”

Het brengt je veel

Els vervolgt: “Er zijn weinig strikte eisen waaraan een steungezin moet voldoen, maar stabiliteit is wel belangrijk, want dat is vaak wat de vraaggezinnen gemist hebben. De ondersteuning zelf is best laagdrempelig en je kan altijd op de ondersteuning van Buurtgezinnen rekenen. Basale principe afspraken worden op papier gezet en een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG) is ook een vereiste natuurlijk. In principe lopen we twee jaar mee met een koppeling tussen gezinnen, je staat er dus nooit ‘zomaar alleen voor’. Het brengt je ook veel, voor beide gezinnen. Genegenheid, dankbaarheid vaak, soms zelfs een fijne band voor langere tijd. Je hoeft echt niet heel ‘speciaal’ te zijn om dat te kunnen.” Elke lacht: “Kijk maar naar ons, wij zijn ook best normale mensen toch!?”

Els besluit: “Ik weet als geen ander dat hulp vragen lastig kan zijn. Door mijn werkzaamheden bij Buurtgezinnen wil ik de mensen met elkaar verbinden en de kracht van onze gemeenschap op een laagdrempelige manier inzetten. Waar je in ieder geval van uit mag gaan: we matchen héél zorgvuldig bij Buurtgezinnen!”

Meer info: www.buurtgezinnen.nl

In Brabant is Buurtgezinnen in zeer veel gemeenten actief. Op de website zie je of jouw gemeente ook is aangesloten en wie daarvoor de contactpersoon is.

Organisatie

Het hart van de organisatie wordt gevormd door meer dan 125 lokale coördinatoren. Zij zijn in hun gemeenten contactpersoon voor de gezinnen, verwijzers en de gemeente, die Buurtgezinnen financiert. De coördinatoren worden gefaciliteerd door een landelijke backoffice.