Sommige titels komen je zomaar aanwaaien. Ik raap hem op. O wonderlijke vondst: deze past Ben als een jas. ‘Ik wens deze traditie in ere te houden.’ Maar, stop, eerst de openingszin zoals Ben er honderden geschreven heeft, met de nodige meteorologische gegevenheden derhalve: Het is een stralende ochtend, zonnig en droog, het kan in het zuiden van het land wel 19 graden worden; wat een heerlijkheid: de meidoorn bloeit overdadig, de vogels jubelen dat het een aard heeft (‘Hoe tierig, hoe kwinkelerende, hoe fladderende dartelt het gevederd geslagt op de bedauwde bomen!’), en er hangt een zweem van plechtigheid in de lucht. Ben en Annemieke richten hun schreden naar het Jan van Besouw. Hij zal een artikeltje schrijven over de uitreiking van de Koninklijke Onderscheidingen. Die zweem ontgaat hen. Argeloos en nietsvermoedend vervolgen zij hun weg. Eerst nog maar even een boek ophalen in de bibliotheek.

Door: Norbert de Vries

Een verhaal over Ben Loonen

Als ik hem zou moeten kenschetsen, dan kom ik allereerst bij ‘onwankelbare trouw, daadwerkelijke trouw, volhardende trouw’. Dat begint al bij de prille ochtendgloren met drie rituele rondjes lopen rond het Grobbendonckpark (het beeld rijst van Immanuel Kant, ‘de klok van Köningsberg’). Ach ja, die Kant schreef onder meer, dat het bestaan van God niet logisch te bewijzen of te weerleggen is, maar dat we een morele wet in onszelf ervaren en dat het daarom redelijk is om God te veronderstellen (het leerstuk van de categorische imperatief). Welnu, vanaf zijn vroege jeugd loopt God en het geloof als een vrome draad door Ben’s leven. Het is een pad waarvan hij niet afwijkt. Tot ontsteltenis van velen. In een van laatste preken gaat Ben hierop in: ‘Hoe moeilijk geloven is, daar kwam ik onlangs weer eens achter in gesprek met een ontwikkelde, belezen vrouw die van huis uit katholiek was opgegroeid. Ze had als kind nooit moeite gehad met ‘het geloof’ totdat ze volwassen werd en zelf ging nadenken. Ze is van mijn leeftijd. Maar ze begrijpt eenvoudigweg niet dat ik wel kan geloven in het verhaal van Jezus en God, dat verbijstert haar zelfs.’ Maar Ben houdt de rijke traditie van het geloof getrouwelijk in ere.

De levensweg

Ben is beslist van alle markten thuis: aardappels rapen bij boer Snijders, stalen matten vlechten bij Kaufmann en Lindschen (nee, dat had ik nooit achter hem gezocht), kelner bij De Witte in Vught, slager bij Vion/NCB, huisman, en dan een lange reeks functies op het vlak van filosofie, catechese en pastoraat. Ha, en dan komen we op bekend terrein: zijn vele geschriften. Met zijn welversneden pen schrijft hij over tal van onderwerpen in diverse periodieken. Voorbeeld: ‘Rond de schutsboom’ is het blad van de Stichting Erfgoed Goirle. Ben schrijft hier inmiddels vijftig portretten in, genummerd 201 tot (laatste stand) 250. Prachtige inkijkjes in het leven en denken van Goirlenaren, en een uitbreiding van ‘Goirle in 200 portretten, 1803-2003’. Een aardige toevalligheid: zijn laatste portret gaat over Hennie de Bruijn die eveneens op 24 april werd gedecoreerd.

Ben is nu 81 jaar, maar superfit naar lichaam en geest. Hij zal daarom nog (hopelijk) lang doorgaan met het schrijven van die portretten. Ook zijn columns en artikelen in het Goirles Belang zullen denkelijk bij worden voortgezet, tot zijn pen zijn hand ontvalt. En gelukkig maar, want hij is de sterauteur van het GB.

Permanente zelfeducatie

Ik ken geen mens, of laten we zeggen: geen Goirlenaar, die zoveel leest als Ben. Zijn hoofd is een immense bibliotheek met eindeloze rijen boeken. Allemaal gelezen! En steeds maar studeren: Russisch, Hebreeuws, en dan de betreffende bronnen induiken, de Russische klassieken en de Bijbel. Het heeft hem gevormd tot een wijze, milde man.

Zo, het voorgaande lijkt me voldoende qua hagiografie. Want al is Ben een bovenste-beste kerel, hij kleunt er natuurlijk, menselijk als ie is, af en toe behoorlijk naast. Op 21 juli vorig jaar bijvoorbeeld predikte Ben over de staf van Mozes: ‘ Volgens de rabbijnen heeft God voorafgaande aan de schepping zeven dingen geschapen, die staf is één van die dingen, een ander “ding” tussen aanhalingstekens is de Bijbel. Ook al geschapen voor alle tijden.’ Fout, Ben, helemaal fout. De zeven dingen die God al vóór de schepping maakte, zijn: De Torah, berouw/terugkeer (Tesjoeva), het paradijs (Gan Eden, de spirituele verblijfplaats voor rechtvaardigen), de hel (Gehinnom). De Troon van God, de Tempel, en de naam van de Messias. Niks geen staf van Mozes. Het interessants van voornoemde zeven zaken vind ik het berouw. Doch daarover een andere keer.

Ook Ben maakt dus fouten, ik noemde er één, maar ik zou kunnen doorgaan tot ik ophoud.

Veelzijdige, onvermoeibare Ben

Burgemeester Mark van Stappershoef noemde Ben in zijn speech – weer van hoge kwaliteit! – veelzijdig. Nou, dat is geen overdrijving. Ben is inmiddels 81 en het gaat maar door: Leydraden, LOG met Goolse Kringen, Tertulia, Goirles Belang, Rond de schutsboom, en het pastoraat links en rechts, en die gesprekgroepen her en der, en die verschillende bestuurslidmaatschappen, man, zet eindelijk eens een reeks potten met geraniums op de vensterbank, pak een stoel en ga eens rustig zitten. Ik denk dan aan het levensplan van Lodewijk van Deyssel. Na een opsomming van alle studies die hij voltooien wil, de vele literaire projecten die hij wil uitvoeren, en alle functies, betrekkingen, enz. die hij ambieert, het huwelijk en het ‘pousseeren’ van kinderen, eindigt de schrijver: ‘en verder (als hoofd der familie) niets anders meer te doen dan in algeheele rust links en rechts de wereld tegemoettreden met glimlachjens en raadgevingen’. Voorwaar, dat laatste is een sterk plan.

Columns en preken

Wat zegt de meester zelf? Op zijn website schrijft hij: ‘Zie: een keuze uit mijn schrijfwerk. Ik wil mijn schrijfplezier met u delen. De columns zijn mij dierbaar, lees en herlees. De preken daar knapt u van op.’ De columns worden gepubliceerd in het Goirles Belang, maar hij heeft ze ook per 50 gebundeld. Ik bezit twee bundels: ‘Seks Zaad Tederheid’ en ‘Van schuld en boete tot onbedoelden’. Af en toe neem ik ze weer ter hand, en geniet.

Die preken zijn een ander verhaal, een ontroerend mooi verhaal. Ben preekt als vrijwilliger elke maandag voor de zusters in de kapel van Huize Glorieux te Eindhoven. Het is een groepje zoals er in religieuze kringen zovele zijn: de allerlaatsten van de laatsten. Een steeds kleinere, steeds meer demente groep zusters. Hoe moet je dat beschrijven? Wrede tederheid en dartele weemoed? Hij gaat door, elke maandag, tot het eind. Want Ben is onwankelbaar, daadwerkelijk, volhardend trouw.

Een kleine toespijs (het is immers feest)

Naar aanleiding van Kant en de glimlachjens voornoemd.

Bekend citaat van Kant, waarin hij een uitspraak van Voltaire aanvult:

Voltaire sagte, der Himmel habe uns zum Gegengewicht gegen die vielen Mühseligkeiten des Lebens zwei Dinge gegeben: die Hoffnung und den Schlaf. Er hätte noch das Lachen dazu rechnen können.

Kijk, dát had u niet verwacht, nietwaar? Die man, toonbeeld van orde, rationaliteit en plichtsgetrouwheid—bijna een ‘levende illustratie’ van zijn eigen filosofie, blijkt bijzondere waarde toe te kennen aan de luchtige, opluchtende lach. Misschien moet ik gastcolumnist Willem van der Kuijlen eens vragen om iets te schrijven over ‘Kant en de lach’.