Met een positief resultaat op de jaarrekening van het afgelopen jaar én een constructieve sfeer in de raadszaal blikten college, raad en commissieleden op dinsdag 16 juni vol vertrouwen vooruit naar de komende bestuursperiode. Door incidentele meevallers is het overschot op de begroting fors hoger dan verwacht. Daarnaast hadden alle raads- en commissieleden een positieve grondhouding ten aanzien van het begeleidingstraject dat de onderlinge verhoudingen en de samenwerking binnen het gemeentehuis een impuls moet geven.
door Eva Geelen
Het college van burgemeester en wethouders (B&W) legt elk jaar verantwoording af over het gevoerde beleid. Dat gebeurt in de jaarstukken. Eenvoudig gezegd: hebben we gedaan wat we zouden doen, en hebben we dat gedaan tegen de kosten die we vooraf hadden ingeschat? Deze cijfermatige onderbouwing is terug te vinden in de jaarrekening. De jaarstukken werden dinsdag 16 juni tijdens de gecombineerde commissievergadering besproken, ter voorbereiding op de vaststelling door de gemeenteraad.
Fors overschot
Er was dus goed nieuws in de raadszaal. Er bleek een overschot te zijn van ruim 2 miljoen euro. Daarmee was het overschot dubbel zo groot als verwacht. Wethouder Krook (CDA) was dan ook tevreden: “Ik denk dat er maar weinig gemeenten van deze omvang zijn die er zo positief voorstaan.”
Tegelijkertijd werden er ook vragen gesteld over het overschot. Want is het wel uit te leggen aan inwoners en belastingbetalers als je zóveel geld overhoudt? Wethouder Krook kon dat eenvoudig verklaren. Door grote, onvoorziene extra bijdragen van de rijksoverheid is het overschot zo hoog uitgevallen. Deze meevallers worden gereserveerd voor volkshuisvesting (€350.000) en voor nieuwbouw van het Mill Hill College (€1.923.247).
Samenwerking verbeteren
Wie het politieke nieuws uit Goirle de afgelopen jaren heeft gevolgd, kan het nauwelijks zijn ontgaan: het rommelde regelmatig in het gemeentehuis. De samenwerking tussen raad, college en ambtenaren verliep soms stroef, op zijn zachtst gezegd. En iedereen was het erover eens: dat moet anders.
De bestuurbaarheid van een gemeente staat of valt immers met een gezonde samenwerking tussen de gekozen volksvertegenwoordigers (raadsleden), de beleidsverantwoordelijken (wethouders) en de uitvoerders (ambtenaren). Deze drie partijen hebben elkaar nodig, maar vervullen ieder een eigen rol. Een goed functionerende samenwerking komt zowel de besluitvorming als de uitvoering van besluiten ten goede.
Samenspel
Om dat samenspel te bevorderen lag er een voorstel voor om de komende vier jaar een begeleidingstraject te volgen. Doel daarvan is het versterken van het bestuurlijk-ambtelijk samenspel tussen de gemeenteraad, het griffieteam, het college en de ambtelijke organisatie in de raadsperiode 2026-2030.
Alle commissieleden stonden in principe positief tegenover het voorstel. Iedereen was het erover eens dat een goede samenwerking, waarbij iedereen een helder besef heeft van zijn eigen taken en verantwoordelijkheden, het gemeentebestuur ten goede zal komen. Wel hadden meerdere partijen vragen over de duur van het traject. De meeste fracties vonden het niet wenselijk om de begeleiding op voorhand voor vier jaar vast te leggen.
Burgemeester Van Stappershoef gaf aan blij te zijn met de positieve reacties en met het feit dat iedereen het nut en de noodzaak van een dergelijk begeleidingstraject inziet. Ook benadrukte hij dat de afspraken met het begeleidingsbureau eerder gezien moeten worden als een intentieovereenkomst dan als een vast vierjarig contract.
De onderwerpen die tijdens deze commissievergadering zijn besproken, komen op 7 juli aan de orde in de raadsvergadering om dan door de gemeenteraad te worden vastgesteld.
